Je hebt ze al een paar keer gezien op de trail: mensen die met stokken als een soort berggeit door de bossen huppelen.
▶Inhoudsopgave
En misschien dacht je: waarom zou ik daar nou mee beginnen? Goede vraag. Want stokken bij trailrunning zijn geen modegril. Ze zijn een gamechanger — als je ze goed gebruikt.
En dat laatste is precies waar het vaak misgaat. In dit artikel leg ik je uit hoe je stokken correct inzet bij lange trailruns.
Van de juiste lengte en greep, tot de techniek die je knieen en conditie bespaart.
Want op 30, 40 of zelfs 50 kilometer door de bergen, maakt het verschil tussen met of zonder stokken letterlijk uit of je eindigt met een glimlach of met een grimas.
Waarom stokken bij trailrunning op lange afstand?
Laten we even helder zijn: stokken zijn niet nodig op elke trail. Maar bij lange routes met veel hoogtemeters — denk aan ultra-trails, alpine tochten of tochten boven de 25 kilometer — bieden ze serieuze voordelen. Ten eerste steken je armen tot wel 30% van het werk op zich.
Dat klinkt misschien niet spectaculair, maar op lange afstand betekent dat: minder belastig op je knieën en kuiten, een betere houding op steile afdalingen, en meer rust in je onderlijf.
Studies tonen aan dat het gebruik van stokken het zuurstofverbruik met gemiddeld 5 tot 10% kan verlagen bij heuvelachtig terrein. Dat is energie die je overhoudt voor de laatste tien kilometer.
Daarnaast geven stokken stabiliteit op glibberig of los terrein — denk aan modderige paden, grind of sneeuw. En op steile klimmen kun je ze gebruiken om je lichaam omhoog te trekken, net als bij nordic walking, maar dan in de bergen.
Kies de juiste stokken: licht, compact en betrouwbaar
Niet elke stok is geschikt voor trailrunning. Je wilt iets dat licht is, snel inklapbaar, en stevig genoeg om je gewicht te drukken zonder te buigen.
De meeste trailrunners kiezen voor klapstokken van koolstof of aluminium. Koolstof is lichter (vaak tussen de 120 en 180 gram per stok), maar duurder. Aluminium is zwaarder (rond de 200–250 gram), maar veel robuuster en betaalbaarder.
Let op de lengte: als je de stok vasthoudt en je elleboog een hoek van ongeveer 90 graden maakt, zit je goed. Sommige merken bieden verstelbare stokken aan, maar voor trailrunning zijn vaste lengtes of stokken met een klein verstelbereik vaak betrouwbaarder.
Populaire merken onder trailrunners zijn Black Diamond Distance Carbon Z, LEKI Cross Trail FX Superlite, en Komperdell C3 Carbon Powerlock.
Wat als je ze niet nodig hebt?
Ze zijn allemaal ontworpen om snel te vouwen, licht te wegen, en stevig te zijn op ruw terrein. Goed punt. Op vlakke stukken of bij technische passages wil je je handen vrij hebben. Daarom zijn de meeste trailrunningstokken ontworpen om snel in te klappen en op je rug of in een vest te bevestigen. Sommige loopvesten, zoals van Salomon of Nathan, hebben speciale klitten of elastieken om stokken mee te nemen zonder dat ze hinderen.
De juiste techniek: hoe loop je met stokken?
Hier gaat het echt om. Want stokken gebruiken is niet zomaar maar stokken vasthouden en meebewegen. De techniek maakt het verschil tussen efficiëntie en frustratie.
Op vlak terrein en lichte klimmen
Gebruik een afwisselend ritme: rechterstok samen met linkervoet, linkervoet samen met linkervoet — net als bij nordig wandelen.
Op steile klimmen
Houd de stokken licht vooruit, duw je er niet op, maar gebruik ze om je pas te versterken. Je armen bewegen soepel, niet stijf.
Zet de stokken iets verder vooruit en gebruik ze om je lichaam omhoog te trekken. Je elleboogen zijn dan iets meer gebogen, en je schouders blijven laag — niet omhoog getrokken. Dit voorkort spanning in je nek en schouders.
Op steile afdalingen
Dit is waar stokken echt schitteren. Zet ze iets achter je zwaartepunt, en gebruik ze om je tempo te controleren en je knieën te ontlasten.
Houd je lichaicht licht voorovergebogen, en laat de stokken je afremmen, niet je armen.
Veelgemaakte fouten (en hoe je ze vermijdt)
Veel beginners maken dezelfde fouten. Hier zijn de belangrijkste:
- Te hard vasthouden: Je handen moeten ontspannen. Een te strakke greep vermoeidt je onderarmen en kan leiden tot pijn of zelfs blessures.
- Stokken te lang of te kort: Een verkeerde lengte verpest je houding en techniek. Meet altijd vooraf.
- Te veel vertrouwen op stokken: Ze zijn hulpmiddelen, geen vervanging voor balans en core-stabiliteit.
- Niet oefenen voor de dag zelf: Probeer stokken minstens 2–3 keer uit op kortere runs voordat je ze meeneemt op een lange tocht.
Conclusie: stokken zijn je geheime wapen
Stokken bij trailrunning zijn geen teken van zwakte — ze zijn een slimme keuze. Bekijk onze vergelijking tussen stokken gebruiken of niet; ze besparen je lichaam, verbeteren je efficiëntie, en geven je vertrouwen op moeilijk terrein.
Maar alleen als je ze correct gebruikt. Begin klein. Oefen de techniek. Kies de juiste uitrusting. En dan?
Dan voel je het verschil pas echt op die lange, mooie, vermoeiende kilometers door de bergen.
Veilig lopen. En geniet.